Miniaturen
— 159 —
Schakend Nederland, 1977
+ 0045.00 f1e3
Opgedragen aan Roger Missiaen.
In de regel winnen drie lichte stuk-
ken niet tegen twee lichte stukken.
In deze aristocratische miniatuur
echter staan twee lichte stukken
‘en prise’. Zwart mag beginnen met
Zetten
| 1. | ||
| 2. | ||
| 3. | ||
| 4. | ||
| 5. | ||
| 6. | ||
| 7. | ||
| 8. | ||
| 9. | ||
| 10. | ||
| 11. |
Varianten
Het beste:
a)
| 1… | ||
| 2. | ||
| 3. | ||
| 4. | ||
| 5. |
Na een loperzet volgt een paardvork, of bijvoorbeeld:
a2)
| 2… | ||
| 3. | ||
| 4. |
b)
| 1… | ||
| 2. | ||
| 3. |
De toenmalige rubriekleider Spinhoven schreef indertijd “Subtiel spel.” Het is een rechtstreekse matstudie waarin alle stukken meespelen en geen enkele wordt genomen.
Roger vond het “Ongelooflijk fascinerend! Dat is de mooiste dominantiestudie, met dit materiaal, die ik ooit zag.”
En nadat ik de zogezegde fout die Roger mij toeschreef (6.Pc6?) had weerlegd, voegde Julien Vandiest er aan toe in Flemish Miniatures: “So all’s well that moves well. It is always gratifying to see that a splendid study contains even more wealth than its composer bargained for. The wizzard from Wilrijk treading on ‘Missiaenic’ territory.”
In Finales…y temas stond: “Estudio en donde la ausencia de peones la evoluciones hacen de esta obra una creación muy agradable”
De aanleiding tot bovenstaand miniatuurtje was de 1ste prijs in The Problemist van C.M. Bent (1972):
Kf1 Le6 Pb3 Pe7 / Ke3 La5 Pg5 +
Met de fijne oplossing: 1.Lf5 Ld8 2.Pd5+ Kf3 3.Pd4+ Kg3 4.Pc6 Pf7 5.Le6 Pg5 6.Lg8 en verlies van de zwarte loper.