Schaakstudiespinsels 2

Studies

— 304 —

Origineel, 2011

+ 0345.01 g6a3

Het zwarte overwicht moet gebroken worden door de toren te veroveren, maar hoe?

Zetten

1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
Verleidelijk is: a) 1.Pbc3? Td5 2.Kxh7 Txd6 b) 1.Pcd3+? Kb3 2.Pxe5 Kxb2 c) 1.Pd7+? Kxb2 2.Pxe5 Pf6 d) 1.Lxe5? Lxe5 2.Pc4+ Kb4 en 3.Pxe5 Kxe5. Na 2…Lxe5: a) 2…Pf8+? 3.Lxf8 Lxe5 4.Pd7+ Kb3 5.Pxe5 met winst voor wit. b) 2…Pf6? 3.Pcd7+ Kb3 4.Pxf6 a4 5.Pf7 Lxf6 6.Kxf6, en wint. c) 2…a4? 3.Kxh7 Lxe5 4.Pd3+ Kb3 5.Lxe5 en wint ook. Fout is 6.Lc5?, want na 6…Pf6 7.Pg5+ volgt 7…Kd5 En na een witte loperzet breekt de zwarte hengst los met een rampzalig gevolg. En het paard valt op de volgende zet. Wit wint en dankt de overwinning door met de juiste paardzet te beginnen, wat niet zo voor de hand ligt.