Schaakstudiespinsels 2

Bijna - Miniaturen

— 223 —

Schakend Nederland, 1967

+ 0410.03 f6a8

Een matstudie van toren en loper tegen toren. Wit dreigt mat na:

Zetten

1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.

Varianten

Daarom:

a)
2.
3.

Txb6

b)
2.

Th7+ 6.Kc8 Th8+ 7.Ld8 Txd8+ 8.Kc7 Td7+ 9.Kxd7 g2, en geen winst. Niet goed is 3.Txh4? g2 4.Kf7 Tc8 wmet remise. Nu dat de toren op h8 staat volgt: Want 4.Ld4? faalt op 4…b5 en de zwarte koning komt vrij. Het beste:

a2)
4…
5.

6.Ta1+ en mat) 6.Le5+ en 7.Lxh8. Of:

b2)
4…
5.
6.

7.Ta1+ Kb8 8.Le5+ Kc8 en 9.Lxf2 Of hier 5…Th7+ 6.Kg6 b5 7.Kxh7 g2 8.Lg1, enzovoort. En nu niet 6.Lxg1 wegens b5 met remise. De zwarte toren staat nog steeds aangevallen en speelt het best: En hier niet 7.Kg8? Th5 (dreigt 8...b5) 8.Lb6 Th6 en bijvoorbeeld 9.Le3 Th5 10.Kf7 b5 met rermise.

a3)
7…
8.
9.

Kc8 10.Lxc7. Of nog :

b3)
7…
8.
9.

Kc8 10.Ta8+ en mat. Dit is beter dan 9...Td8?, want dan kan na 10.Ta1+ Kb8 11.Le5+ Kc8, wit op twee manieren winnen:

a4)
12.
b4)
12.
10.Lf6+ Ke8 11.Tc8+ Td8 12.Txd8. 1.Tc3 Th8 2.Kg7 Te8 3.Kf7 Th8 4.Ld4 Td8 5.Ta3+ Kb8 6.Le5+ Kc8 16.Tc8+ Tc7 17.Txc7+ enzo- voort. Nu na de tekstzet 9...Tc8 volgt: en nu het gedwongen En wit slaat uiteindelijk met de to- ren de beide pionnen en wint. Voordien werd deze studie ver- toond met de oplossing, na 9.Kf7 en dan de zet 9...Td8?¸ (in plaats van 9…Tc8) enzovoort. Dus met de vermelde dual, en bijgevolg ne- venoplosbaar. Maar de sterkste zet van zwart is hier 9...Tc8!, met de enige juiste voortzetting: 10.Ta1+ enzovoort. Bovenstaande studie is dus toch correct. Mijn versie is een uitgebreide be- werking van een nevenoplosbare 1ste prijs in het toernooi om het Roemeens kampioenschap (1951) van V. Nestorescu: Kg6 Tc7 Lb6 / Ka8 Tb8 b7 h3 + Wit wint door 1.Tc1 Th8 2.Kg7 Te8 3.Kf7 Th8 4.Ld4! Td8 en nu 5.Ta1+ Kb8 6.Le5+ Kc8 7.Tc1+ Kd7 8.Tc7+ en mat. Maar ook door: 7.Ke7! Rd7+ 8.Ke6 b5 9.Tc1+ Kd8 Of hier 9.Ta8+ Kb7 10.Tb8+ Kc6 11.Tc8+ K~ en 12.Kxd7. s t Nestorescu verbeterde hierop, in EG van oktober 1968, zijn stelling. Hij verving de pion door een paard Kg6 Tc7 Lb6 / Ka8 Tb8 Pe3 b7 + met een nog mooiere oplossing: 7.Tc3+ Sc4 8.Rxc4+ Kd7 9.Rc7+ en mat. Fraai in zijn eenvoud.