Studies
— 285 —
Probleemblad, 2005
+ 0130.15 c5d8
Zetten
| 1. | ||
| 6. | ||
| 7. |
Varianten
Want 1.Kd6? faalt op 1…Lb4 2.Kc6 e2 3.Th8+ Ke7 4.b6 e1D 5.b7 Ld6 en winst is uitgesloten. Fout is
a)
| 1… | ||
| 2. | ||
| 3. |
(3…Lb8 4.Th8+ Ke7 5.Txb8 e2 8.Da7+ K~ 9.Df2, en wit wint.) 4.Td7+ Ke8 5.Td6 Lxd6 (5…e2 8.Dg8+ Kh5 9.Th7+ en mat.) Kg6 9.Dg2+ Kh6 10.Dxe2, enzovoort. :
b)
| 1… | ||
| 2. |
3.Td7+ Ke8 (3…Kc8 4.b7+ Kb8 5.Td8+ Ka7 6.Ta8+ mat) 4.b7 Le5 5.Td6, enzovoort.
c)
| 1… | ||
| 2. |
3.Kd6 (met matdreiging op h8) 3…Lc5+ 4.Kxc5 e1D 5.b8D+
2.Kd6
2… Le5+
3.Ke6
3… Kc8 4. b7 Kb8 5.Kd5 e2(Ka7) 6.Kc6 Ka7(e2) 7.Th8 Lb8 8.Te8 f3 9.Te3 Ld6 10.Tb3
En eveneens mat.
In 1978 kregen M. Klinkhov & A.
Kuznetsov een Speciale Prijs in
Bull. CCCM voor de onderstaande
versie, die ik niet kende toen ik mijn
huidige studie componeerde
Kd4 Tg7 b7 g3 /
Kb8 Ld6 e3 f4 f5 f6 +
met een inleiding die vier (4) zet-
ten korter is dan die mijne:
Ka7 3.Tg8 Lb8 4.Te8 f3 5.Te3 Ld6
14.Txa6 Kxa6 15.Kxd6 Kxb7, en
wit wint dank zij pion g3.
Maar hier wint ook 5.g4 en bij-
voorbeeld 5…f2 6.Te3 Ld6 7.Txe2
f1D 8.Ta2+ Da6+ 9.Txa6+ 10.Kxa6
Kxd6 11.Kxb7 gxf5. Of hier
8.Txa5+ Kb8 9.Ta8+ en mat.
In de hoofvariant winnen ook de
zetten 6.g4 en zelfs 9.Tc1 e1D
f1D 13.b8D+ Ka6 14.Db6+ en mat
Dus driemaal nevenoplosbaar.
Dat de prijsrechter Pauli Perko-
noja de zet 9.Tc1 niet heeft opge-
merkt vind ik zeer raar; vermits hij
mijn correcte oplossing wel ken-
de. (Zie het Juryrapport in Pro-
bleemblad N°5 Dec 2009)