Studies
— 286 —
Springaren, 2006
+ 0046.32 b5h5
Hier zijn nu vier (4) mogelijkheden
om een pion tot dame te laten pro-
moveren. Maar wit staat schaak.
Dus eerst::
Zetten
| 1. | ||
| 2. | ||
| 3. | ||
| 4. | ||
| 5. | ||
| 6. | ||
| 7. | ||
| 8. |
Varianten
Een poging als 1.Kxc6? Pe5+ Pe8+ 5.Kxe5 Lc7+ mislukt.
a)
| 1… | ||
| 2. |
b)
| 1… | ||
| 2. |
Pxa8 6.c8D.
Uiteraard niet 5.b8D? Ld6+ 6.Dxd6
Pxd6 , remise.
Zwart ruimt de doorgang voor de
loper.
Dreigt 7.Lg3+
Niet 8.b8D? Lc7+ 9.Dxc7 pat!
Wit wint hier door overmacht.
Maar het onverwachte is dat, van
de vier mogelijkheden, geen van
beide pionnen het tot damepro-
motie kon brengen dankzij zwart’s
tegenspel.