Miniaturen
— 173 —
Flemish Miniatures, 1997 en 2016
+ 0041.02 c5b7
Dit miniatuurtje is een voorbeeld
van optimale samenwerking van
loper-en-paar. En tevens tussen
Roger Missiaen en mezelf.
Zetten
| 1. |
Varianten
Variant A
| 1… | ||
| 2. | ||
| 3. | ||
| 4. | ||
| 6. | ||
| 7. | ||
| 8. |
De zwarte koning of loper kunnen moeilijk spelen wegens de paard- vork. Niet 3…b3?, 4.Pd7+ en 5.Pxg8. Er is niet beter: 5…Le6(f7)? en 9. Pxe6(f7). Na 7...Kb7? 8.Pe7+ of 7…Lb3? laatste nu ook speelt, hij wordt veroverd, bijvoorbeeld:
Variant B
| 1… | ||
| 2. | ||
| 3. | ||
| 4. | ||
| 11. |
a)
| 2… | ||
| 3. |
b)
| 2… | ||
| 3. |
6.Pxc6+ Ka6 7.Le4 Le6!
8.Ld3+ valt de loper. En wat deze
8.Ld3+ Kb7 9.Pd8+ Kc7 10.Pxe6
2.Kc5 Lg8 3.Pc6+ Ka6 4.Lxg6 Kb7 5.Lb1 d3 6.Lxd3 La2 7.Lf5 Lg8 8.Lb1 Ka6 9.Le4! Le6 10.Ld3+ Kb7 11.Pd8+ en de loper valt.
Wit wint in beide gevallen.
Variant B vond ik later in 2016, in
vervanging van deze gepubliceerd
in 1997: 1.Pa5 Ka8 2.Le4+ Ka7
der als in Variant A.
Het is een correctie van een stu-
die van R. Missiaen in Schakend
Nederland (1985). Roger kreeg
toen de 1ste Eervolle Vermelding
voor:
Kc6 Lc2 Pd3 / Ka6 Lh7 c7 d4 g6 +
met deze oplossing:1.Pb4+ Ka5
Doch ik dacht ten onrechte een
nevenoplossing gevonden te heb-
ben met zet 9.Pb4+? (in plaats van
noch Roger, noch ikzelf niet heb-
ben opgemerkt dat hier, na 9.
Pb4+?, de nu voor de hand lig-
gende zet: 9...Ka7? en 10.Pc6+
Ka6 11.Le4, een omweg is van 2
zetten. Sorry Roger.
De mooie studie uit 1985 is dus
correct. En Roger, teleurgesteld
maar toch optimistisch, vertelde in
het boek Flemisch Miniatures: “At
present this makes me feel happy,
for now we have succeeded in
union to gratify the study with a
richer and sound content. All this in
miniature form.”
Later kreeg een studie van Kuriat-
nikov in het Sarychev Mem.Tny
(1988) onterecht de 2de prijs voor
de onderstaande stelling:
Kc3 Lh7 Pg4 a2 /
Kb8 Lb7 Pa3 c7 +
Met de dubbele oplossing: 1.Kb4
Pc4 2.Kxc4 Lc8 3.Pe5 Le6+ 4.Kb5!
Lxa2 5.Pc6+ Kb7 6.Le4 Kc8 7.Lf5+
Kb7 8.Kc5 Lg8 9.Lb1 Ka6 10.Le4
Lb3(?) en 11.Ld3+ Kb7 12.Pa5+
K~ 13.Pxb3 en wit wint. Maar ook
goed is hier 11.Lf5 Kb7 12.Pa5+
Ka6 13.Pxb3. Dus nevenoplosbaar
Roger echter meende dat hier ook
de zet 9.Le4(?) wint na 9…Ka6
winstzetten)10…Ka7 11.Kb5 (ook
Na 9…Ka6 10.Ld3+ Kb7 11.Lb1
Ka6 is 12.Le4 (Zie zet 9.) een
onnodige omweg.
De énige correcte winst na 9.Lb1
Ka6 10.Le4 is: 10…Le6! 11.Ld3+
t Kb7 12.Pd8+ Kc8 en 13.Pxa6,
enzovoort. Sorry Kuriatnikov.
Ik kwam op het idee om een nog
economischere studie te ontwer-
pen. Het resultaat is studie - 133 -